2010: Twente, Nederland

 

KAREL APPEL - Fietsgroep

Trees Driessen

De Internationale Tocht was dit jaar in Twente van 24 juli tot 2 augustus. Na ruim een jaar voorbereiding was het denk ik toch een heel karwei om alles in goede banen te leiden. Hartelijk dank aan allen die meegeholpen hebben. Er waren negen groepen van 15 - 20 personen; iets nieuws waren de twee fietsgroepen. Dat fietsavontuur leek me wel wat! De groepen hadden namen van bekende schilders, die van ons heette Karel Appel. De routes waren door Bas Wuite en Frans van Overbeek uitgezet, zo’n 30 km per dag. We reden door bossen, langs vennen, traditionele boerderijen en kastelen in Twente, Salland en de Achterhoek. We bezochten zelfs een mosterdwinkeltje en een buitenzwembad.

Ik wist dat er enkele heuveltjes waren, maar geen probleem, de groep hielp je er wel overheen! Het was een gezellige groep met een ontspannen sfeer: vier Engelsen (waarvan twee jongens van 14 en 15 jaar), twee Duitsers, twee Fransen, een Zweedse, een Italiaan en vier Nederlanders. We sliepen in parochiehuizen, een kerk, een boerderij en soms buiten. Frans wees ons vele mooie plekjes voor de picknick en het kapittel (over oecumene en interreligieuze dialoog).

Het fietsen ging goed, ook met de buitenlanders, op één keer na: de bagagekar kwam door een ongelukkige manoeuvre in een droge sloot terecht waardoor alle pannen, pakken melk, brood en beleg eruit vlogen. Op de laatste avond hebben wij dit ongelukje uitgebeeld, tot grote hilariteit van de aanwezigen. De slotviering vond ik indrukwekkend, maar ik miste het Tochtgenotenlied ‘Compagnons, voici la Route’ - zie hier de weg -. Ik dank jullie wel, ook voor deze weg. Ik heb genoten! Goede tocht.

Opmerking van de Stuurgroep: het lied ’Compagnons, voici la Route’ werd wel gezongen aan het eind van de dienst maar was niet voor iedereen hoorbaar. Het werd helaas niet via de microfoon aangekondigd.

PIET MONDRIAAN - Fietsgroep

Gill Myall (vertaald uit het Engels)

’... a brilliant pilgrimage this year .....’

Mijn Hollandse fiets stond me aan te staren. Hij leek reusachtig groot. Ik nam een enorme sprong naar het zadel. En onmiddellijk gleed ik op de grond, aan de andere kant.

Ik was zó jaloers op die Hollanders. Ik had naar hen gekeken op hun fietsen; zo koninklijk als zij daar hoog op hun fiets zaten; de vaardigheid waarmee zij balanceerden met van alles en nog wat op hun fiets - babies, kinderen, meubels, boodschappen, huisdieren, bloemen. Ik hoorde zelfs een keer een pasgeboren babietje, ingepakt in een dekentje, in een boodschappentas, achter op zijn vaders’ fiets. Ik bewonderde het lef waarmee ze zich tussen het verkeer door bewogen, hoe ze nonchalant met één hand aan het stuur en tegelijk geconcentreerd een gesprek voerden, met een mobieltje in de andere hand. En het vertrouwen waarmee ze erop rekenden dat de auto’s hun de ruimte gaven, en hoe de mensen voor hen opzij gingen... Hier was de fiets koning.

Wat een vermetelheid was het van mij om zelfs maar eraan te denken dat ik me bij een fietsgroep zou aansluiten. De eerste dag was een ramp. Daar was die schande toen ik van mijn fiets vloog en schuivend over de weg tot stilstand kwam met een geschaafde arm en een gekneusde knie; de ongelooflijke zooi toen onze kar met de keuken en ons eten in een sloot terecht kwam waardoor alles onder de pudding en de honing kwam; de uitdaging om een maaltijd klaar te maken nadat eerst de pudding en honing van alle spullen waren verwijderd en de restanten van het opengebarsten pak spagetti waren verzameld. Ik had de pech dat ik die dag de kookbeurt had.

Ik moest denken aan Franciscus en zijn trouwe broeders, zoals zij daar door het landschap zwierven. Ik had hen altijd gezien als ’een zooitje ongeregeld’ - een samenraapsel van mensen in alle soorten en maten. Voor mij leken ook wij hier ’een zooitje ongeregeld’ - zo’n allegaartje van leeftijden, achtergronden, natio-naliteiten, talen en fietservaring. Frans, Italiaans, Pools, Zweeds, Duits (2), Nederlands (4) en Engels (4). De jonste was 13 jaar en de oudste 75. Ik verbaasde me erover hoe het in hemelsnaam mogelijk was dat wij iets met elkaar te maken hadden en hoe we met elkaar konden communiceren, onze dag konden indelen en met elkaar omgaan. Maar op de een of andere manier deden we dat en ik ben dankbaar voor de verdraagzaamheid en hulpvaardigheid en de geweldige humor van iedereen. We spraken weinig en lachten veel.

De grote wielen van mijn fiets rolden me voort, door velden vol zoet graan en wuivende graslanden. en met de ervaring van kleuren van wilde bloemen en lange lijnen van statige bomen, vormgegeven door een beeldhouwer.

We werden bekeken door de nieuwsgierige ogen van paarden en schattige veulens op hun hoge benen, door vee van alle soorten, door vreemd ogende geiten, wollige ponies en allerlei eenden en brutale ganzen.

We gingen hotsend en botsend over de klinkerstraten in de dorpen, zwenkend onder bomen langs bospaadjes, en we kruisten kanalen en sloten en vaarten met bomen erlangs.

Vol bewondering keken we naar boerderijen en landhuizen temidden van kersenboomgaarden en geschoren gazons, steeds keurig onderhouden, orde en harmonie.

De grote wielen van mijn fiets rolden me voort. Ik leerde rechtop te zitten en de wereld vanuit de hoogte te bezien, als een koningin van Holland...

Iedere Internationale Tocht geniet ik ervan de unieke smaak en karakteristieken van het land te leren kennen en te ervaren, en ook geniet ik van het plezier waarmee de Tochtgenoten in het gastland hun land aan ons, de anderen, presenteren. Deze tocht was het niet anders. Ik denk aan twee gedenkwaardige indrukken die mij zijn bijgebleven: ten eerste de verbazingwekkende wijze waarop dit land de wereld van de fiets heeft omarmd, en ten tweede hoe duidelijk we in dit stukje Nederland konden waarnemen hoeveel liefdevolle zorg men besteedt aan het platteland, de tuinen en de hofsteden.

Terugkijkend voel ik mij erg bevoorrecht dat ik deze tocht en andere als deze tochten mee kon maken, waarin je wordt ondergedompeld in het leven van de groep; waar je ervaring opdoet met geven en nemen, waar je afhankelijk bent van de goodwill van anderen en waar je de kans krijgt zelf een bijdrage te leveren. Ik merkte hoe voorzichtig enkele ervaren fietsers zich inhielden - nooit lieten ze me voelen dat ik een slechte fietser was; met enkelen in de groep heb ik helemaal niet kunnen praten, maar ik heb heel veel met hen gelachen en het was vermakelijk te zien hoe trots ze hun nationale keuken met ons deelden.

We konden genieten van onze saamhorigheid, van het besef dat we allemaal mens waren, maar ook konden we onze verschillen vieren. Dat is vast en zeker ook het wezen van het streven naar oecumene - de uitdaging om dit alles te beleven, er naar te leven, en er niet alleen maar over te praten.

Geniaal !!!

Catherine Marie

Hij komt rennend de aula van het Carmellyceum binnen op zondag 1 augustus 2010 aan het einde van zijn fietstocht en ik hoor:

’Ja, ik heb de Tour Franciscus gewonnen!’

Internationale Tochtgenoten op de fiets

Frans van Overbeek

In het zelfs voor Nederlanders verrassend ideale fietsland Overijssel zijn voor het eerst tijdens een jaarlijkse internationale Tochtgenotentocht twee fietsgroepen van elk veertien personen van start gegaan. Vanuit Oldenzaal een rondje Twente, Salland en Achterhoek, gemiddeld zo’n 30 km per dag.

Prima kaarten 1:50.000 met alle fietsknooppunten. Prachtig land met afwisseling van boerenland, landgoederen, bos, hei en watertjes en voorzien van veelal een uitstekend fietsnetwerk.

De bij de voorbereiding verantwoordelijken Oscar (stuurgroep) en Marin waren tevens de gardiens/groepsleiders.

Bas en ik hadden een maand eerder al fietsend en met de auto toeristische plekken bezocht en waren met onze opgedane kennis van nut in de eigen groep. Zo konden we de interessante kerken, kastelen & molens bereiken en fraaie kapitttel- en pauzeplekken aandoen, al dan niet via omwegen. Afhankelijk van het weer en de dagbestemming werd de route bepaald. De fietsers met eigen tempo waaierden uit en troffen elkaar bij gekozen rustplaatsen en tevoren aangegeven knoopppunten. De fietskar (voor keukenspullen en boodschappen) bleek ideaal, ook in snelheid. Bij de in de ene fietsgroep ingestelde lady’s day bleek maar een enkele vrouw voldoende stuur’mans’kunst op te brengen, zodat toch weer een man de fietskar overnam, hetgeen het mannelijk ego streelde.

Avonturengroep op de fiets; net als bij de gelijknamige groep te voet bleek ook de kar soms kaduk en is in beide fietsgroepen de kar de sloot ingekieperd. Aanleiding voor de ene groep, dit als onderwerp voor de laatste veillée te nemen: met fietsen en de namaakkar op het grote podium in het Carmelcollege werd het ongeluk nagebootst. De in de kar verzamelde met water gevulde vla- en yoghurtpakken en potten lazerden vakkundig over de trappen naar het verschrikte publiek. Vervolgens trad de schilder met palet en verfkwast (afwasborstel) toe om het hele zooitje in living statues te transformeren en op zijn virtuele doek te schilderen. Na gedane arbeid nam hij een appel en liep heen. Het schilderij kwam weer tot leven; iedereen nam een appel uit zijn zak en we riepen in koor: ’A apple a day keeps the doctor away’. Dat was dus de groep ’Karel Appel’. Tenslotte kwam de dweilbeurt van toneel en trappen.

Er was onderweg dagelijks sms-kontakt tussen Piet (Mondriaan) en Karel. Piet was zo gemeen om Karel een route tussen twee knooppunten aan te bevelen: dat bleek natuurlijk een voor de fietskar behoorlijk lastig traject te zijn. En dat op onze lady’s day.

Een boven verwachting geslaagde tocht. Mede dankzij de fraaie onderkomens: pastorie, boerderij, scoutingblokhut, theatergebouw. Nogmaals hulde aan Karin Holthuis en zeker ook aan de stuurgroep. Haar inzet en deskundigheid trok vanzelf een aantal vrijwilligers bij de voorbereiding aan.

Voor de buitenlanders (de meerderheid) waren prima huurfietsen en helmen geregeld. De veiligheid onderweg werd door gardien en routebegeleider scherp in de gaten gehouden en mobiel contact was handig om soms een verloren schaap weer bij de kudde te halen. De Tochtgenoten waren enthousiast, de bevolking hartelijk en het weer over het algemeen fietsvriendelijk. Gesteld kan worden dat - zeker in Nederland - een fietsgroep qua mentaliteit van een internationale pelgrimage, past in onze Tochtgenoten’beweging’.

Terug