1927 - 2007 : 80 Jaar Tochtgenoten

 

Catherine Marie in gesprek met Frans en Simone Bartelds

Hoe zijn jullie in aanraking gekomen met de Tochtgenoten?

Ons beider ouders waren al voor hun huwelijk bij de Tochtgenoten. Wij hebben elkaar in 1974 op de tocht van St. Etienne naar Le Puy leren kennen.

Kunnen jullie een speciale herinnering vertellen?

Simone vertelt van de getuigenis op een bijeenkomst in 1969 van Léon Pierriaut. Léon beschreef met tranen in de ogen, dat hij voor het eerst op tocht ging in 1927. Er liepen toen ook Duitse Tochtgenoten mee. Hij kon zich niet voorstellen dat hij een week met Duitsers zou samenleven, hij had immers in de eerste wereldoorlog tegen hen gevochten. Maar aan het eind nam hij met heel veel moeite afscheid, het waren zijn broeders geworden.

Frans vertelt dat ze thuis, op Boszicht in Dorplein dagelijks moesten leven als Tochtgenoten. Op een keer, in de winter van 1963 moest hij zijn bed afstaan aan een rondtrekkende schaapsherder met zijn hond, die op de dekens sliep! En de volgende dag op de fiets door de kou om voor die man pruimtabak te gaan kopen in de stad verderop. Maar daar tegenover stond de geweldige ervaring van de schaapskudde in de tuin en ook de verhalen van de herder.

Wat betekent het voor jullie om Tochtgenoten te zijn?

Een groot ideaal van internationale broederschap, het leven zien als een cadeau waarvoor je dankbaar bent en diegene die je pad kruisen te zien als de gegeven broeder. Voor ons beiden geldt, dat we van kind af aan in deze tochtgenotenstijl zijn opgegroeid.

Wat is in de Beweging vooral veranderd vanaf jullie begintijd tot nu toe?

Vroeger (tijdens de wederopbouw na de tweede wereldoorlog en ook in de jaren zestig) was er in de Beweging veel aandacht voor de opbouw en de vorming van de maatschappij. Nu leven we in een heel andere wereld waar het materialisme en individualisme hoogtij vieren. Veel mensen komen voor een leuke tijd zonder zich te willen verbinden en inzetten voor de Beweging of de maatschappij. Waarden zoals soberheid, avontuur zijn minder in beeld.

Jullie waren tussen 1996 en 2001 de Internationale leiders. Wat is volgens jullie de specifieke inbreng van die functie?

De internationale leider heeft tot taak om de geest (spirit) van de Tochtgenoten te behoeden in alle activiteiten in een veranderende wereld (waarden zoals vriendschap, eenvoud, franciscaanse broederschap, gastvrijheid). Leider zijn is geen machtspositie maar een dienst aan de Beweging.

Er zijn weinig nieuwe jongeren die de Beweging komen versterken. Wat denken jullie daarover?

Waarom willen we dat jongeren de Beweging komen versterken? Heeft de Beweging een boodschap voor de jongeren? Hebben wij de jongeren nodig om ons (als beweging) jong te voelen? Wij zijn met een enquête voor de verbetering van de ‘Roep van de Weg’ bezig. Hebben jullie wensen of opmerkingen hiervoor? Weinig ideeën! Misschien naar een e-mailkrant?

Sommige Tochgenoten vragen zich af hoe het komt dat ze jullie niet meer zien. Kunnen jullie zeggen hoe dat komt?

Na onze periode van internationale leiderschap hebben we een paar jaar bewust wat afstand willen nemen om meer vrijheid te laten aan de anderen die ons opvolgden. Ook omdat we ons ergens anders wilden inzetten. Verder ...., Joseph Folliet schreef dat diegenen die ouder zijn dan vijfendertig de Beweging aan de anderen moeten laten. Wij zijn al twintig jaar ouder.